The Third Translation / Matt Bondurant

Walter Rothschild, een Amerikaanse egyptoloog, is ingehuurd door het British Museum om de Stele van Paser te vertalen. Daarvan zijn al twee vertalingen bekend, maar volgend een aanwijzing op de stele zelf moet er nog een derde ‘manier’ zijn, waarop al een aantal mensen hun tanden stuk hebben gebeten. Na een avondje uit neemt Walter, dronken en tegen beter weten in, een leuke meid mee het Museum in; de volgende ochtend blijk er een belangrijk papyrus — met waarschijnlijk connecties met de Stele — ontvreemd en Walter’s one-night-stand is topverdachte. In razend tempo verandert Walter’s leven in een afschuwelijke koortsdroom, als hij probeert de vrouw en het papyrus terug te vinden, en tegelijkertijd zijn relatie met zijn dochter te redden — die hij toen ze drie was, heeft verlaten om in Egypte opgravingen te doen. Degenen die het papyrus hebben ontvreemd, hebben er echter een doel mee, en willen daarvoor Walter ook in handen krijgen.

I stepped up to the bar, the approximate spot where I had my interaction with Pam, and asked the smiling bartender if he knew Hanif of Erin or Alan Henry. He grinned and shook his head gamely, as if I had asked for a drink that didn’t exist. When I asked about the room arrangement, he just shrugged. The vacant look suggested he wasn’t listening at all, his hearing being precisely tuned to catch only the significant phrases above the din, things like: gin and tonic, pint of lager, ‘ow much? Did Alan choose this place on purpose? Could Hanif have set up the whole operation? I thought of Pam, she of the clacking molars and nimble fingers, what part did she play? Was that an important element of distraction? From what? I should have known that was a ruse. I thought of the Dream Book, a manual for interpreting dreams by Nineteenth Dynasty scribe Qenherkhepshef: If a man sees himself in a dream: seeing his penis erect: BAD: this means victory for his enemies.

Wat mij een beetje teleurstelde in dit boek is dat die ‘derde vertaling’ uiteindelijk een vrij ondergeschikte rol speelt. Wel met een heel filosofische verklaring, die essentieel is voor wat de schrijver wil uitdrukken, maar niet strokend met de verwachting die ik vooraf had. En wat me ook minder beviel, was het slachtofferachtige van Walter: in plaats van kordaat actie te ondernemen, raakt hij steeds verzeild in gezelschap waarin hij het — blijkbaar — niet kan vermijden om ook bezopen/stoned te worden, zodat alles hem overkomt als een soort onbegrijpelijke nachtmerrie. Wat ik wel mooi vond, en wat dit boek onderscheid van de Dan Brown-achtige, is de manier waarop Walter terugkijkt op zijn keuzes, de onverenigbaarheid van huwelijk en vaderschap met het verlangen om bezig te zijn met egyptologisch onderzoek, en zijn pogingen om nu met inmiddels volwassen dochter toch een band op te bouwen.

  1. iklees posted this